De groene samenleving en haar vijanden

Voorzitter Verhagen van Milieudefensie heeft laten weten dat er grievende kwalificaties in deze column staan en dat Milieudefensie er daarom niet op reageert.

Met ‘friends of the earth’ als Milieudefensie heeft het milieu geen vijanden nodig.

Organisaties die zich als groen en democratisch presenteren of beweren zich in te zetten voor een beter milieu en een ‘schone en rechtvaardige wereld’ blijken er vaak praktijken en ideeën op na te houden die moeilijk met hun idealen te rijmen zijn, om niet te zeggen er lijnrecht tegenover staan.

Milieudefensie is een groot pleitbezorger van de Utrechtse ‘milieuzone’ voor personen- en bestelauto’s: een klein deel van de stad (binnenstad + stationsgebied) waar diesels met een bouwjaar van voor 2001 niet mogen komen (wat min of meer samenvalt met Euroklasse 0-2).

Het geloof van Milieudefensie in die milieuzone is zo groot dat daar niet over te praten valt. Twijfels heeft Milieudefensie niet. Het geloof van Milieudefensie in wat de ‘deskundigen’ van de gemeente zeggen, is groot. Als de gemeente beweert dat zij het omrijden als gevolg van de milieuzone heeft ingecalculeerd en dat dat effect volstrekt marginaal is, dan gelooft Ivo Stumpe dat blindelings.

stumpe

Milieudefensie weigert (net als overigens wethouder Van Hooijdonk en GroenLinks) een debat met de Stichting Stop Luchtverontreiniging Utrecht (SSLU), die grote bezwaren heeft tegen die milieuzone. Twitteren dat het een aard heeft, maar debatteren, dat is voor Milieudefensie te riskant.

Volgens de SSLU is de Utrechtse milieuzone een symboolmaatregel die de lucht extra vervuilt en bovendien een cadeau voor de automobielindustrie. Auto’s die nog vele jaren mee kunnen, worden immers gesloopt en vervangen door nieuwe auto’s, voor de productie waarvan weer veel energie (CO2) en schaarse grondstoffen nodig zijn.

Aanscherping van de milieuzone (ook auto’s met een bouwjaar van voor 2005) en verdere aanscherping zijn logische volgende stappen om de autoindustrie te gerieven én om niets tegen de groei van de automobiliteit te hoeven doen. De rijksoverheid, maar ook steden als Utrecht beschouwen automobiliteit als een heilige koe en grijpen de milieuzone aan om meer asfalt aan te kunnen leggen en de stad economisch en ruimtelijk verder te kunnen ‘ontwikkelen’.

De SSLU is niet tegen een milieuzone, maar tegen deze milieuzone. In de eerste plaats wil de SSLU een grotere milieuzone (de hele stad tussen de snelwegen). In de tweede plaats wil de SSLU dat auto’s niet geweerd worden op basis van Euroklasse of ouderdom, maar op basis van aangescherpte APK-roetmetingen. Euroklasse en ouderdom blijken volgens recente onderzoeken namelijk een slechte indicatie voor vervuilende uitlaatgassen. En oudere auto’s kunnen heel vaak aangepast worden en hoeven dan niet naar de sloop. In de derde plaats ziet de SSLU, anders dan Milieudefensie en de gemeente, als belangrijkste maatregel een forse reductie van het autoverkeer in de stad.**

Waarom houdt Milieudefensie vast aan de milieuzone zoals de gemeente die heeft vastgesteld en waarom weigert Milieudefensie daarover te debatteren? Het antwoord is: (1) Milieudefensie was altijd al voor een milieuzone op basis van Euroklasse en laat zich door recente onderzoeken niet aan het denken zetten. (2) Milieudefensie en GroenLinks zijn nauw verwant en de milieuzone in Utrecht is onder GroenLinks-wethouders (eerst Lintmeijer en daarna Van Hooijdonk) bedacht en voorgesteld. (3) Milieudefensie slikt wat ‘deskundigen’ van de overheid beweren voor zoete koek.

In een recente internetpublicatie heeft de SSLU weinig heel gelaten van een door dr. Anne Knol (specialist luchtkwaliteit van Milieudefensie) opgesteld document ‘Achtergrondinformatie Milieuzone Utrecht’.* De reactie van campagneleider Ivo Stumpe op de SSLU-internetpublicatie was weinig inhoudelijk:

”hou hier mee op. Echt.
Dat je dat soort dingen over mij zegt is tot daaraan toe, maar Anne is gewoon mijn medewerker en doet wat ik haar vraag. Zij is niet verantwoordelijk voor ons beleid, dat ben ik. Dus als daar wat over te mopperen hebt, richt je dat maar aan mij”.

Kritiek richten aan campagneleider Ivo Stumpe is ’tot daaraan toe’ (gaat eigenlijk ook al te ver). Helaas had dat tot nu toe weinig effect, want daar reageert hij (Milieudefensie) niet op en een debat wordt geweigerd. Veel respect voor de wetenschap en de gepromoveerde dr. Anne Knol blijkt hij ook niet te hebben. In de door de SSLU bekritiseerde ‘Achtergrondinformatie’ zou zij immers geschreven hebben wat hij haar heeft gevraagd te schrijven.

Het moet voor een (gepromoveerde) wetenschapper geen pretje zijn om bij Milieudefensie te werken. In onder jouw naam (met vermelding van titels) uitgebrachte adviezen moet je schrijven wat je baas wil en je wordt ook niet geacht daar zelf voor verantwoordelijk te zijn. Kennelijk mag je bij Milieudefensie ook als wetenschapper geen eigen geluid (laat staan kritiek) hebben en naar buiten brengen. Het lijkt de gemeente wel.

De groene samenleving wordt niet alleen door het ‘ongebreideld kapitalisme’ bedreigd, maar ook door milieuorganisaties als Milieudefensie, die ten prooi vallen aan tunnelvisie (ideologieën) doordat zij kritiek en discussie uit de weg gaan, wetenschappers in hun dienst slechts als boodschappers wensen te behandelen (his master’s voice), hun kritische onafhankelijkheid prijsgeven ten opzichte van politiek verwante politici, de gemeente helpen om zich strijdbare lokale actiegroepen als de SSLU van het lijf te houden en beslissen welk standpunt hun leden en donateurs innemen over de milieuzone zonder hun daar invloed op te geven.

Met ‘friends of the earth’ als Milieudefensie heeft het milieu geen vijanden nodig.

* http://www.stopluchtverontreiniging.nl/?p=993
** Met een grote milieuzone kun je het binnenkomend autoverkeer ook doseren en dus beperken.